Ik wil haar niet altijd in de gaten houden. Daarom geven we haar bewust geen airtag, gps horloge of telefoon. Eigenlijk loop je bewust risico, maar ik denk dat ze zich hierdoor ontwikkelt.’
‘Natuurlijk voelt het soms spannend. Je weet dat er iets kan gebeuren. Een tijdje terug waren we haar kwijt. Ze was met een jongetje meegegaan dat ze had ontmoet. Wij schrokken enorm. We hebben dit rustig met haar besproken, zodat ze ervan leert.’
Grenzen bieden houvast
‘Ik geloof dat een kind zich het best ontwikkelt binnen grenzen. Die bieden veiligheid en houvast. Daarom geef ik 2 of 3 keuzes waar ik me goed bij voel. Bijvoorbeeld: Wil je naar de speeltuin of binnen een spel doen? Zo leer ik mijn kinderen al jong zelf keuzes maken. De jongste van 2,5 krijgt wat meer grenzen. Als zij bijvoorbeeld naar de speeltuin wil, ga ik altijd mee, maar mag ze kiezen of ze met de step of de fiets gaat.’
Eigen initiatief stimuleren
‘Jade vindt iets nieuws proberen spannend. Ze doet pas iets als ze zeker weet dat ze het kan. Daarom helpen we haar stap voor stap. We oefenen ook met verantwoordelijkheid voor haar eigen spullen, zoals haar broodtrommel en drinkfles. Dat gaat nog niet altijd vanzelf. Soms moet ik haar ‘redden’, waardoor ze de noodzaak niet voelt om het zelf te doen.’
Leren vertrouwen op jezelf
‘Ik wil dat Jade leert op zichzelf te vertrouwen. Dat ze nadenkt, plannen maakt en die soms bijstelt. En dat ze oog heeft voor anderen. Toen we een weekendje weg waren, maakte ze een kleurplaat voor iemand om te laten zien dat ze aan diegene dacht. Dat vond ik zo mooi.’
Dit verwacht ik van de BSO
‘Ik vind het lastig om te bepalen wat ik van Jade kan vragen. Overvragen we haar niet? Hierin kan de BSO samen met ouders optrekken, denk ik. Ik hoor graag wat Jade daar doet en waarvoor ze zelf verantwoordelijk is.’